SO Gesprek nodigt ondernemers, (dwars)denkers, praatjesmakers, introverte types en toppers uit voor een goed gesprek. Op maandag 29 juni was het Eric J. Coolen, tekenaar, ontwerper, illustrator, componist, beeldhouwer en muzikant. Vader van drie kinderen, partner van Madelon ('zonder haar gaat het allemaal nergens over'). Geboren in 1965, en oh ja, de J staat voor Jacob. Onlangs verscheen zijn overzichtsboek Geen dag zonder lijn.
Een meester-communicator noemt voorzitter Frans Bosman hem als hij de avond opent. 'Iemand die niet alleen communiceert met zijn mond, maar ook met beeld en geluid. En dat is een hele mooie combinatie.' Interviewer Jaap Sluis trapt vervolgens af met de mededeling dat we 'zoals gebruikelijk niet genuanceerd gaan doen, of gaan mitsen en maren.' Als Eric moet kiezen, is het 't potlood en niet de gitaar. AI ziet hij als een kans en niet als bedreiging, en zelf is hij een ambachtsman, eerder dan een kunstenaar. Ooit wil hij nog eens exposeren in het Louvre, maar we komen er niet achter of dat een serieuze ambitie is. Want als hij moest kiezen is hij eerder 'snel tevreden'.
Vanaf het begin heeft Jaap de touwtjes strak in handen. Toen Eric in het voorgesprek bijvoorbeeld suggereerde dat hij het liefst het hele binnenwerk van zijn nieuwe boek wilde laten zien, greep hij in. Jaap: 'Dan zou hij zo'n knipdingetje meenemen en dan zou hij daarover vertellen zoals bij een vakantie-diavoorstelling. Maar dat gaan we niet doen! We gaan een gesprek voeren. Geen goede prater? We wagen het erop!' Op het scherm verschijnt een zelfportret van Eric dat hij in de eerste klas van de lagere school maakte. Op de Julianaschool in Overveen, ook al is hij opgegroeid op de Zijlweg in Haarlem. 'De ouders van de kinderen daar wilden niet dat arbeiderskinderen op dezelfde school kwamen als de rijkere kinderen, maar de toenmalige directeur vond dat maar onzin.'
Eric's opa zat in de wegenbouw, en zijn vader werkte bij Geuzenbroek Tandtechniek in de Wilhelminastraat. Daar begon ook Eric zijn carrière, al tekende hij nog zo graag. Want, zo zei zijn vader 'daar ga je je brood niet mee verdienen'. Eric: 'Dat komt natuurlijk ook voort uit de tijd waarin er nog armoede heerste. Hij wilde niet dat zijn kinderen arm zouden worden.' Na een vijfjarige opleiding in Utrecht bleek die baan toch niet te bevallen. Met name omdat hij alles beter wist, begon hij samen met zijn broer een eigen locatie in Haarlem Noord. Wie daar de baas was? Eric: 'Een hond heeft een baas. Daar waren we allebei honden.'
Toch is het tekenen er altijd geweest. Het begon al toen hij vier jaar oud was en met zijn vader in een Fiat 500 werd aangereden door een dronken taxichauffeur. Hij raakte gewond aan beide benen. Amputatie kon op 't nippertje worden voorkomen, maar hij moest wel van zijn vierde tot zijn twaalfde jaar slapen met beenbeugels die hem wakker hielden. Die slapeloze nachten vulde hij met tekenen. Dat bleef een nevenactiviteit waarvoor hij pas in 2010 vol gas voor kon gaan. De eerste jaren vielen niet mee, maar vanaf het moment dat hij in 2013 de Kunst- en Cultuurprijs de Olifant won, ging het snel. Dat geeft wel aan, merkt Jaap op, dat zo'n prijs effect heeft. Eric: 'Mensen denken: hij heeft een prijs gewonnen, dus dan zal het wel wat zijn. En je krijgt natuurlijk meer aandacht in de media, dus je valt meer op. Toen heb ik eigenlijk pas echt leren werken, want ik dacht: dit moet wel groot worden. Gelukkig heb ik ook maar een uur of vier, vijf slaap nodig.'
Jaap en Eric filosoferen vervolgens over eerste schetsen: meestal zien we die niet, maar vaak zijn ze het mooist. Eric roept het al jaren: de schetsen van iedere kunstenaar zijn altijd mooier dan het eindresultaat. 'De zoektocht is altijd mooier dan het eindpunt. Dat geldt niet alleen voor mij, maar ook voor schrijvers en muzikanten. Mijn opdrachtgevers krijgen altijd de eerste potloodschets cadeau, net zoals ik eerste muziekopnames van onze band altijd mooier vind dan de uitgeproduceerde, gladgestreken werken.' Een hot item is de gedachte dat er ergens in Haarlem een gebouw zou moeten staan met werk van kunstenaars van Haarlemse bodem, van Romeyn de Hooghe tot en met hemzelf, al mogen we best een omweg maken naar Elisa Pesapane die de allermooiste potloodschetsen maakt ('zoek haar maar op'). Eigenlijk zou de stad gewoon het lef moeten hebben om het prachtige V&D-gebouw daarvoor aan te kopen, concluderen de heren eensgezind.
Er zijn mensen die tegen Eric zeggen: ik vind het wel leuk, maar ja, is het niet een kunstje? Eric windt er geen doekjes om. 'Toen ik dat Vredeskerkje in Bergen aan Zee tekende, vloog daar een meeuw. En toen zei iemand: kunnen we aan meneer Coolen vragen of hij daar een duif van maakt? Ik teken heel vaak vogels - meeuwen, duiven - en die plak ik er dan met een extra laagje in. Ik heb een database met meerdere duiven; ik teken geen nieuwe meer. Net zoals die twee mensen voor dat kerkje. Twee mensen zijn altijd Madelon en ik. En mag ik nog één ding zeggen over deze tekening van Johnny Cash, alleen al omdat we hier op de Zijlweg zitten? Daarachter staat de Kerk van Nazarener en het verhaal gaat dat Johnny daar heeft opgetreden bij de opening. Ik heb daarover teruggevonden dat hij in die tijd te gast was bij Willem Duys. Dus het zou zomaar kunnen dat...' Jaap beslist bij deze dat het dan inderdaad zo gebeurd moet zijn.
Zijn er ook dingen die Eric niet meer zou doen? 'Opdrachten over politiek, die zou ik niet meer aannemen. Ik heb ooit een verkiezingsposter gemaakt voor wethouder Chris van Velzen van de VVD, en nadat ik die getekend had, werd hij ziek en toen ging hij dood. Uiteindelijk is er een andere poster gekomen, maar ik kreeg daar toen al kritiek op vanuit de linkerhoek. Inmiddels stem ik al jaren niet meer. Dat klinkt dom, maar ik laat mijn kinderen voor me stemmen, die mogen voor mij beslissen. Wel ben ik ambassadeur geweest van heel veel sport- en cultuurdingen.'
Jaap: 'Je gaat het zelf niet zeggen, maar je doet best vaak iets zonder dat mensen er iets voor hoeven te betalen. Je hebt ooit eens gezegd dat je van de kunst van het gunnen houdt. Waarom doe je dat?'
Eric: 'Dat geldt niet alleen voor mij. In Ampzing zijn we eigenlijk allemaal zo. Waarom? Misschien omdat ik zelf vaak baat heb gehad bij mensen die mij wat gunden. Dat blijft je altijd bij.'
Jaap: 'Ik zie vaak dat je werk dat je in opdracht hebt gemaakt zelf langsbrengt bij mensen.'
Eric: 'Ja, dat vind ik leuk en dat doe ik trouwens samen met Madelon. Wij zijn een soort blijmakend koppel, want zowel mijn vrouw en ik zijn altijd wel erg vrolijk. Of ik niet moe wordt van elke dag 10 tot 15 tekeningen maken? Tekenen is geen werk. Dat koppel ik terug naar mijn vader en mijn opa. Die werkten te hard en kwamen thuis met pijn in hun rug of aan hun knieën. Ik zit gewoon lijntjes te trekken.'
Eric J. Coolen maakt deel uit van het muzikale Ampzing Genootschap, een club vrienden die al bijna 30 jaar muziek maakt waarnaar je alleen maar met een lach op je gezicht kunt luisteren. Dit genootschap zet zich in tegen het overmatig gebruik van Engels in de Nederlandse taal. Vernoemd naar de Haarlemse dominee Samuel Ampzing (1590 tot 1632). Coolen: 'Destijds verzette hij zich tegen Franse en Latijnse leenwoorden. Dat is de reden dat wij hem als vaandeldrager hebben gekozen.'
https://www.ampzing.nl/
Dave van der Sluis (49), consultant en interim manager, wordt ingehuurd als programmamanager door financiële dienstverleners. Als 'echte regelaar' specialiseert hij zich momenteel in AI.
Het volgende SO Gesprek vindt plaats op 30 september 2026. Gast zal politica Renske Leijten (SP) zijn, een van de blootleggers van de toeslagenaffaire.
Tekst: José Bernaerts
De redactie van SO Gesprek bestaat uit Jaap Sluis, Maureen Lashley, Henk van der Leen en Frans Bosman